Dit is een vijf delige basiscursus over Premiere 6.5
Deze cursus heb ik in 2003 speciaal voor VideoHobbyMagazine (VHM) geschreven.
Je ziet hier een voorbeeld van de eerste twee delen om een indruk te krijgen.
Deze cursus is te bestellen voor € 10,00 in Nederland en € 12,50 in België.
Mail je adres gegevens naar premiere@kristalvideo.nl om te bestellen.
Alle prijzen zijn incl. BTW
Basiscursus Premiere 6.5
Tekst & beeldmateriaal John de Vries
Deel 1, Minimale computereisen, installeren en alle instellingen.
De volgende onderwerpen komen aan bod:
Deel 1: Minimale computereisen, installeren en alle instellingen.
Deel 2: Capturen , organiseren, monteren.
Deel 3: Monteren, stills, titels en effecten.
Deel 4: Geluid, beeldkwaliteit, breedbeeldsimulatie, tips en trucs voor gevorderden.
Deel 5: De film terugzetten naar tape, DV, AVI en MPEG.
We behouden ons het recht voor af te wijken van deze opzet.
Wij adviseren iedereen op een aparte en schone computer te monteren.
Gebruik je montagecomputer niet voor allerlei spelletjes.
Die maken je computer instabiel.
Leer monteren op uw pc met Premiere 6.5
In deze vijfdelige cursus Premiere 6.5 maakt u uitgebreid kennis met de nieuwe versie van dit bekende softwarepakket voor videomontage. De cursus is geschreven door John de Vries, in het dagelijkse leven filmer en editor van bedrijfs-,
reclame- en muziekfilms. Hij heeft veel ervaring met Premiere vanaf versie 4.0 tot en met de huidige versie 6.5.
De basiscursus is bedoeld om je op weg te helpen met het monteren van je videofilms op de PC en ‘Mac’ (Apple).
Er zijn kleine verschillen tussen de Mac- en de PC-versie; zeker het MPEG-gedeelte is bij de Mac anders.
We gaan in deze cursus uit van de PC-versie. We zullen zeker niet alle toeters en bellen de revue laten passeren,
maar na de cursus ben je in staat met Premiere 6.5 een redelijke videofilm te monteren.
In deel 1 staan we stil bij de vele instellingen van Premiere 6.5. Neem rustig de tijd voor het doorlezen van de tekst en
het bekijken van de schermpjes. Oefen met de muis en met het schuiven van de windows e.d. Ga stap voor stap te werk.
Zo leer je de belangrijkste instellingen kennen en verklein je de kans op problemen door verkeerde instellingen.
We gaan uit van de standaardinstellingen en we behandelen niet alles. Wil je meer gedetailleerde over de onderwerpen,
raadpleeg dan de handleiding.
Deel 1 is niet het gemakkelijkste deel. We bespreken de instellingen en we verwachten dat je wel enige computerkennis hebt.
Je moet goed kunnen werken met de muis, vanaf cd-rom programma’s kunnen starten, gebruikerskennis hebben van je besturingssysteem e.d.
Ook gebruikers van Premiere 6.0 kunnen deze cursus gebruiken, met uitzondering van het titelscherm en de eventuele
MPEG-encoding. We gaan in de cursus uit van Premiere 6.5 in combinatie met een gewone IEEE1394 FireWire kaart.
Wat heb je nodig om te kunnen werken met Adobe Premiere?
Je hebt minimaal nodig:
-Een behoorlijke computer;
-Een digitale camcorder;
-Een set behoorlijke luidsprekerboxen;
-Adobe Premiere 6.5 software;
-OHCI Compatible Fire Wire kaart;
Wat zijn de minimumeisen voor de computer?
Wij adviseren minimaal een Pentium III, 800MHz (voor RealTime). Het beste is een Pentium IV, vanaf 1700MHz.
De snelheid is belangrijk, maar vergeet het geheugen niet. De specificaties op een rijtje:
- Minimaal 128Mb geheugen, liefst 512Mb;
- Een tweede harde schijf (HD) van minimaal 40 GB met 7200 rpm (dit is de snelheid van de HD);
- Een zogenaamde OHCI compatibele Fire Wire kaart, bijvoorbeeld een SiteCom, Dynalink of E-Tech;
- Een goede geluidskaart;-
Geluidskaart en Fire Wire kaart
Heb je geen goede geluidskaart, dan is het raadzaam om bijvoorbeeld een SoundBlaster Audigy Player te kopen.
Dit is een goede geluidskaart en deze heeft bovendien een FireWire aansluiting.
Dat heeft als voordeel dat je dan maar één slot nodig hebt in plaats van twee en je bent verzekerd van goed
geluid ( tot 96KHz / 24bit en een S/N van 100dB).
Houd er wel rekening mee, dat je bij deze kaart -in tegenstelling tot de andere IEEE1394 kaarten- een
Fire Wire kabeltje moet kopen, want deze wordt bij de Audigy-Player niet meegeleverd.
Bij gebruik van de Audigy geluidskaart, adviseren wij alléén de drivers van de cd rom te installeren.
Als je de cd rom van Audigy start, krijg je drie keuzes. Kies dan voor ‘installeren met alleen de drivers’.
Het installeren van een gewone FireWire kaart is vrij gemakkelijk. Sluit de stroom af en open de PC.
Druk de kaart voorzichtig in één van de vrije PCI-sloten van de PC en schroef de kaart vast. Zet daarna de PC aan.
Windows herkent de kaart en zal hem zelf installeren.
Bij het installeren van de Audigy kaart gebruik je de cd rom die meegeleverd is.
Windows
Welk Operating System (OS) moet je gebruiken? Voor Premiere 6.5 heb je minimaal Windows98 Second Edition (SE) nodig.
Beter is gebruik te maken van Windows 2000 SP2 (Service Pack 2), of -nog beter- Windows XP
(met ondertussen alweer Service Pack 1).
Vergeet niet bij Windows98 SE of 2000, DirectX 8.1 te installeren.
Je hebt dat nodig voor de videoverwerking en je kunt het downloaden bij Microsoft.
Versie 8.1 is de laatste versie en wordt standaard meegeleverd met Windows XP.
Welke digitale camcorder heb je nodig?
Voor montage op de PC met alleen een FireWire kaart heb je een digitale camcorder nodig.
Minimaal een DV camcorder (DV = Digitale Video) of een D8 model van Sony (D8 = Digital 8).
Als je na het monteren DV terugschrijft naar tape (absoluut de enige manier voor een kwaliteit die geen verlies oplevert)
heeft de camera wel DV IN nodig. De camcorder moet dus een DV ingang en uitgang hebben.
Een DV-IN is niet altijd standaard aanwezig op de camcorder. Voor verdere informatie over DV-IN,
kun je me e-mailen op DV-IN@kristalvideo.nl
Geluid
Je kunt volstaan met simpele luidsprekersetjes voor de PC. Beter is gebruik te maken van een versterker met normale boxen.
Dit is echt een must voor als je een mooie film met geluid en muziek wilt maken.
Extra benodigdheden (optioneel)
Niet direct nodig, maar wel fantastisch is een Matrox G-550DH of de nieuwe PARHELIA grafische kaart in de computer.
Met deze kaart kun je met twee computermonitoren werken. Ook enorm handig is een extra TV-monitor die je kunt
aansluiten op je camera, zodat je alles goed kunt volgen op je TV in plaats van dat kleine beeldje op je scherm.
De extra TV monitor is ook handig om ‘interlacing’ te kunnen waarnemen, maar daar kom ik later bij de stills nog op terug.
Wanneer je met een TV werkt, kun je het beste ook een klein mengpaneeltje gebruiken,
zodat je het geluid vanuit de computer en de camera kunt mixen, zie afbeelding 1.01.

1.01. Aansluitschema.
Als we alles goed hebben aangesloten, kunnen we Premiere 6.5 gaan installeren.
Installeren van Premiere 6.5
Als je de Premiere cd rom in de computer stopt, start deze vanzelf op.
Zo niet, open dan de cd rom op de gebruikelijke manier via Start en Uitvoeren.
- Je krijgt eerst een welkomstscherm te zien, klik op Next;
- Je krijgt dan een scherm met vier keuzes, klik op Adobe Premiere 6.5;
- Klik vervolgens op Next, vink nu Dutch aan, en klik Next;
- Lees de Licentieovereenkomst en klik op Accept;
- Vink vervolgens Typical aan, en klik op Next;
Het is NIET raadzaam om Premiere 6.5 op een andere schijf dan de C-schijf te installeren,
je krijgt dan echt problemen in de toekomst. Dus altijd ‘C’ aangeven (standaardinstelling) in de program files map
voor het installeren van Premiere.
- Vervolgens type je in: je naam, eventueel bedrijfsnaam, en het serienummer. Klik op Next;
- Klik vervolgens –als de gegevens goed zijn ingevuld- op Yes;
- Klik daarna in dit scherm op Next;
De installatie procedure gaat dan beginnen. Vervolgens wordt gevraagd of QuickTime geïnstalleerd moet worden en of je de RealPlayer plug in wilt installeren. Doe dit. Start daarna de computer opnieuw op.
Adobe is vergeten om bij de installatie een snelkoppeling op je bureaublad te zetten. Als je dat wilt, moet je dit zelf doen.
Als je later een VCD, SVCD of DVD wilt gaan maken, installeer dan ook gelijk even vanaf de cd rom het programma DVDit LE.
Dan is dat ook al vast gebeurd.
Eerste keer opstarten van Premiere 6.5
We kunnen nu beginnen met de instellingen van Premiere 6.5.
Start Premiere 6.5 op. Je krijgt dan een registratiescherm ‘maak uw keuze’ en klik op Continue. Registreer, want dat is handig voor als je gebruik wilt maken van de helpdesk.
Daarna krijg je een scherm met de keuze: A/B Editing of Single Track Editing voor de opbouw van de Timeline. Kies voor A/B Editing. Dat is voor een beginner overzichtelijker. We komen hier nog op terug bij het monteren.
Vervolgens krijg je het Load Project Settings scherm, zie afbeelding 1.02. Kies hier voor Standaard 48KHz uit de map DV-PAL Real-time Preview. Als je breedbeeld 16:9 filmt, kies dan voor een van de twee Widescreens. Klik daarna op OK.

1.02. Load project Settings.
Als je camera geen 48KHz ondersteunt, kies dan voor 32KHz.
De meeste Sony-camera’s staan vanuit de fabriek standaard op 32KHz.
Wijzig die instelling op uw Sony-camera in de camera-mode: ga naar het audiogedeelte
en zet de camera op 48 in plaats van 32KHz.
Wel of niet in breedbeeld filmen, is een persoonlijke keuze. Bedenk wel dat in breedbeeld filmen (16:9) altijd iets ten koste gaat
van de kwaliteit ten opzichte van 4:3. Dat is, omdat er geen echte 16:9 beeldchip in de camera aanwezig is, maar met de 4:3-chip wordt door een truc breedbeeld gemaakt.
Breedbeeldsimulatie is ook mogelijk. Dan gebruik je een ‘masker’, waardoor er boven en onder een zwarte balk wordt geplaatst
op je 4:3 beeld. Sommige breedbeeld tv’s springen daardoor automatisch over op breedbeeld.
Windowindeling van Premiere 6.5
We gaan nu belangrijke vensters (‘windows’) van Premiere instellen. Het is raadzaam om de resolutie van je monitor minimaal op 1024 bij 768 pixels te zetten, nog beter is het om de resolutie van 1152 bij 864 te kiezen en op 32 bits te zetten.
Je begrijpt natuurlijk wel dat je minimaal een 17” monitor moet hebben.
Zet het Adobe Premiere scherm op de maximale grootte en schuif de windows zoals in afbeelding 1.03 te zien is.
Zorg wel dat je tussen de onderlinge windows ongeveer 1 mm speling houdt, anders zullen de windows niet hellemaal
goed staan bij de volgende keer als je Premiere opstart.
Uiteraard is de keuze van instelling vrij, maar in de praktijk werkt deze instelling met één monitor het beste.
Als je met twee monitoren werkt, kun je het Project-, Timeline- en Monitorwindow op het eerste (linker) scherm zetten
en de overige windows op het tweede (rechter) scherm plaatsen.
Je eventuele TV komt links van de beide computermonitoren te staan.

1.03. Totaal scherm.
Je kunt de verschillende scherminstellingen apart saven. Dit is gemakkelijk om bijvoorbeeld apart met audio bezig te zijn,
of wanneer je met meerdere personen de pc deelt en ieder zijn eigen indelingen heeft.
Je kunt een ‘Workspace’ (opstelling van de vensters) als volgt saven. Ga naar de menubalk en kies daar:
Window >> Workspace >> Save Workspace, zie afbeelding 1.04.
1.04. Save Workspace
Vul iets in: je naam voor je persoonlijke workspace. Een ander kan zijn eigen workspace onder een andere naam saven.
Klik OK.
Belangrijke windows apart instellen
We gaan nu eerst de instellingen van elk window apart nalopen. De windows Navigator, History en Commands kun je voorlopig wegklikken. Wanneer we deze nodig hebben, kunnen we ze altijd weer tevoorschijn halen. Wil je die windows terughalen,
ga dan naar de menubalk en kies: Window. Je ziet ze daar staan.
Bij elk apart window zit in de rechter bovenhoek een zwart driehoekje. Daar schuilt het zogenaamde ‘submenu’ achter,
waarmee we bij elk window apart diverse opties kunnen instellen.
Timeline Window
Het Timeline Window is het window, waarin je monteert.
Klik op het zwarte driehoekje met het submenu van het Timeline Window, zie afbeelding 1.05.
1.05. Timeline Window submenu.
Hier zie je ook, dat je kunt schakelen tussen het eerder genoemde A/B editing en de Single Track Editing mode.
Zorg ervoor, dat er een vinkje staat bij A/B Editing. Ook vind je hier de opties: Snap to edges, Edge view, Shift all tracks,
Sync selection en de Add Video/Audio Tracks. Deze kun je ook schakelen linksonder op de Timeline. Zie afbeelding 1.07.
Hier is de volgorde dan van links naar rechts: Add V/A Track, Snap to Edges, Edge View, Shift all tracks, Sync Selection.
Op enkele opties komen we later terug. Deze opties mogen gewoon aangevinkt zijn.
Selecteer nu: Timeline Window Options uit het Timeline sub-menu. Zie afbeelding 1.06.

1.06. Timeline Window Options
Stel het Timeline Window in, zoals afbeelding 1.06 laat zien. Dus bij Icon Size het middelste vinkje,
bij Track Format het tweede vinkje van bovenaf en bij Audio stel je 4 Seconds in. Dit is natuurlijk ook een vrije keuze,
maar in de praktijk werkt dit het beste. Klik OK.
De overige instellingen zoals Zero point en On insert laat je standaard staan. Wil je hierover meer weten,
raadpleeg dan de handleiding. Deze standaardwaarden zijn voldoende voor het gebruik van Premiere.
Ga ook nog even naar de linker onderkant van het Timeline Window. Direct naast: 1 Second
(wat trouwens de ‘zoom’-functie is van het Timeline Window; het geeft aan hoeveel seconden beeldmateriaal
per lengte-eenheid je ziet in je Timeline Window) zie je de 5 buttons van de hierboven besproken funkties. Zie afbeelding 1.07.
1.07. Button voor Track Options.
Klik op de eerste button. Je krijgt dan het Track Options Window. Hiermee kun je video- en/of audiosporen bijmaken
of weghalen tot 99 stuks. Ook kun je hier een naam geven aan een audio- of videospoor. Zie afbeelding 1.08
1.08. Track Options Window.
Omdat we werken in A/B Editing mode, heb je een spoor Video 1a en een spoor Video 1b. Helaas komen de namen van de audiosporen daar niet mee overeen. Premiere noemt ze Audio 1 en Audio 2, in plaats van Audio 1a en 1b.
Die gaan we hernoemen. Maak in de Track Options Window zowel één video- als één audiospoor aan door op Add te klikken. (Standaard staat er bij allebei al een ‘1’ ingevuld.)
- Klik nu op OK en je ziet in het Track Options Window de sporen erbij staan;
- Selecteer nu ‘Audio 1’ en klik op Name. Maak hier nu ‘Audio 1a’ van en klik OK;
- Selecteer nu ‘Audio 2’ en maak daar dan ‘Audio 1b’ van;
- Selecteer nu ‘Audio 3’ en maak daar dan ‘Audio 2’ van enz;
- Sluit daarna het window;
Houd er wel rekening mee dat wanneer je er later nog een Audiospoor bijmaakt, dit dan altijd een nummer hoger zal zijn,
dus altijd even het nieuwe spoor hernummeren!
Let op: als je alleen een audiospoor zou willen, dan moet je een ‘0’ invullen bij het Videospoor.
Klik nu bij het spoor ‘Audio 1a’ en ‘Audio 1b’ in het Timeline Window op het open driehoekje.
Hiermee wordt het desbetreffende spoor opengeklapt, zodat je de audiowave kunt zien en je eventuele volumes,
panning en filters kunt aanpassen, zie afbeelding 1.09.
1.09. Audio-spoor opengeklapt.
Project Window
Ga nu naar het sub menu van het Project window. (Weet je nog? Het zwarte driehoekje rechts boven van een window.)
Het Project Window is het window waar alle bestanden van je project staan, zoals clips, foto’s, audio e.d.
Klik in het submenu van het Project Window op Project Window Options, je krijgt dan het Project Window Options venster.
- Zet deze op List View. Zie afbeelding 1.10.
1.10. Project Window Options.
- Stel ook hier de vinkjes, zoals op afbeelding 1.10 te zien is in en klik op [OK];
Je kunt hier weer een keuze maken tussen: Icon, Thumbnail en List View. Ik vind dat List View in de praktijk het beste werkt,
omdat je hier in één oogopslag kunt zien hoeveel keer bepaalde video- of audiofragmenten (clips) gebruikt of helemaal niet
gebruikt worden in de Timeline.
- Klik ook nog even in het Submenu van het Project Window op Hide Preview Area, dan verdwijnt het previewschermpje
in het Project Window, waaraan je in de praktijk toch niet zo veel hebt. Je krijgt dan iets meer ruimte in het Project Window.
De aangevinkte velden in het Project Window Options zijn de velden die in het Project window worden gepresenteerd.
Het zijn de namen van de kolommen.
Schuif nu eerst even het Project Window naar rechts uit over je Monitor Window, zodat je alle namen goed in beeld hebt.
Je kunt deze kolommen zelf in de juiste volgorde zetten door de namen van de velden te verschuiven. Je bent er vrij in,
maar handig is de volgende volgorde: Name, Video Usage, Audio Usage, Duration en Log Comment.
Je kunt zo de naam beetpakken en verschuiven. Zie afbeelding 1.11.
Schuif nu de verticale ‘hendel’ (groen omcirkeld op afbeelding 1.11) tussen de Video Usage en Audio Usage zover naar links,
totdat de hendel niet meer verder gaat, doe dit ook met de hendel tussen Audio Usage en Duration. Stel de hendel die tussen
de Duration en Log Comment staat zo af, dat de duration tijd net niet wegvalt. (Kies hiervoor uit de hoofd menubalk:
File >> New >> Bars and Tone. Er verschijnt dan een ColorBar en een 1KHz toon in je Project Window,
je ziet daardoor nu een duration tijd staan onder Duration).

1.11. Project Window.
Schuif nu het Project Window weer in de normale positie zoals het voorheen stond. Vergeet niet om 1 mm tussenruimte tussen de windows te houden.
Schuif nu de verticale hendel tussen de Bin en 0 items zover naar rechts, totdat de hendel na Duration net niet meer zichtbaar is. We zullen de cursus verder ook in de View mode behandelen.
Monitor Window
Wanneer je maar één monitor in plaats van twee in je window hebt staan, dan kun je dit verhelpen door op het dual view knopje te klikken midden boven in het Monitor Window, zie afbeelding 1.12
1.12. Monitor Dual View.
De linker Source (bron) monitor wordt gebruikt voor het uitzoeken van de fragmenten.
Deze fragmenten noemen we in de cursus verder ‘clips’.
De rechter (Program) monitor wordt gebruikt om alles wat in de Timeline gebeurt zichtbaar te maken.
Transitions- Video- Audio Window
Dit zijn de schermen voor respectievelijk de Overgangen, Video en Audio filters. Dit window heeft drie tabbladen.
Zo’n tabblad kun je beetpakken en gewoon uit het window slepen, zodat je een zelfstandig window met dat onderdeel krijgt.
Dit is als je met twee monitoren werkt heel bruikbaar en je hebt alle onderdelen direct beschikbaar.
Selecteer nu uit de Transitions (overgangen), de Dissolve map en klap deze open. Je kunt nu de Cross Dissolve beetpakken
en naar de bovenste positie slepen. Deze overgang zul je waarschijnlijk het meest gebruiken in je films, daarom laten we
deze map openstaan. Het rode lijntje eromheen betekent dat dit de default overgang is (komt later nog aan bod).
Ga hier ook even naar het submenu en klik op Animate, zodat we –jazeker- bewegende icoontjes van de overgangen krijgen
(wel een brilletje nodig maar toch). Zie afbeelding1.13. Je kunt dus het effect al een beetje zien.
1.13. Transitions.
Info en Effect Controls Window
Je kunt het beste het Info Window zichtbaar houden, het Effect Controls Window komt later nog aan bod.
Zet de diversen windows zoals in afbeelding 1.14 te zien is.
1.14. Effecten en Info windows opstelling.
Saven van Default project
Als we alle windows en de daarbijbehorende instellingen goed hebben staan, dan wordt het hoog tijd om dit te saven.
De workspace (dus de rangorde van de diverse windows) had je al gesaved,
maar we gaan nu een zogenaamd Default Project saven. Het Default Project is de basis voor onze projecten en staat los
van de gesavede Workspace –de windows opstellingen.
Voordat je het Default Project opslaat, is het handig eerst nog een vijf seconden zwarte clip op de tijdlijn te zetten.
Hiermee begint en eindigt altijd je film, dus is het gemakkelijk om dat gelijk in je default te saven.
Er staat nu in je Project Window een clip Black Video. Pak deze nu op bij het icoontje (je cursor wordt een handje)
en sleep deze op het Video 1a spoor. Wanneer hij na het slepen niet precies aan het begin staat, pak je hem op en
sleep hem naar links tegen het begin aan.
Wanneer je nu met de cursor aan het einde dus de rechterkant van de clip staat, dan verandert de cursor in een rood
haakje met twee pijltjes. Als je klikt, kun je de clip inkorten of uitrekken. Schuif nu totdat de clip in de Timeline 5 seconden is,
kijk daarbij voor de juiste tijd op je Info Window en laat dan los. Je hebt nu als het goed is een ‘zwarte’ clip van 5 seconden
in de tijdlijn staan.
Nu ga je naar File >> Save As –vul in de naam ‘_default Premiere 6.5’- en sla de file op, kaal op je Videoschijf (D-schijf).
Let op: dit is je tweede schijf, dus niet je C-schijf.
(Als je maar één schijf hebt, maak dan een map ‘VIDEO’ en sla het Default Project met deze naam daarin op en koop zo snel mogelijk een tweede schijf.
Iedere keer als je Premiere start en een nieuw project aan gaat maken, open dan eerst het project ‘_default Premiere 6.5’.
Je hebt dan de basis project settings. Sla daarna doormiddel van Save As het nieuwe project eerst op onder de juiste naam, bijvoorbeeld ‘Vakantie 2003’. We komen hier nog op terug in een volgend deel.
Preferences Premiere instellen
Ga naar de hoofd menu balk: Edit >> Preferences >> General and Still Image.
Stel nu in:
- Windows at Startup op: Open Dialog;
- Open Movies in Clip Window op: Vinkje UIT;
- Show Black Audio Waveforms op: Vinkje AAN;
- Bij de Still Image kun je bijvoorbeeld 25 invullen.
Dit laatste betekent dat als je bijvoorbeeld een foto of een andere still image op de tijdlijn zet, dit voor de periode is
van 1 seconde. Immers, 25 beeldjes is bij PAL video 1 seconde film.
(Reken maar mee: als je 125 invult, betekent dat, dat je 5 seconden still image op de tijdlijn krijgt. Zie afbeelding 1.15.)
Op de overige opties zoals pre roll, post roll en lock aspect gaan we niet in, in deze cursus. Met de optie ‘Show Black Audio Waveforms’ bepaal je de kleur (zwart) van de audio waveform als het audiospoor is opengeklapt. Standaard is het blauwachtig
en niet zo duidelijk. Met ‘Open movies in clip window’ krijg je een apart window als je een videoclip bekijkt.
Is overbodig als je met twee schermpjes werkt.
Met Show tool tips kun je de pop ups uitzetten die verschijnen als je met de muis op een onderwerp of tool gaat staan.
1.15. General and still image.
- Klik nu op Next, je zit nu bij Auto Save and Undo;
Stel in:
- Automatically Save Projects: Vinkje AAN, zie afbeelding 1.16;
- Je kunt bij History/Undo levels de hoeveelheid terug te halen acties in stellen,
bijvoorbeeld bij veel intern geheugen kun je dit verhogen.
1.16. Auto save and undo.
Klik nu weer op Next. Je komt bij de Scratch Disk and Device Control settings.
Dit is een erg belangrijke instelling, dus vergeet deze nooit in te stellen, omdat hier wordt bepaald waar de video- en
audiofragmenten die je capturet, heengaan.
- Kies bij Captured Movies: Select Folder en kies dan je videoschijf (D), te vinden bij “Deze Computer”.
Doe dit ook bij Video Previews en Audio Previews. Een en ander ziet er dan uit als in afbeelding 1.17.
In het voorbeeld staat toevallig videoschijf ‘F’. Zelf vind je waarschijnlijk Path: D:\, of in ieder geval de letter die bij uw tweede videoschijf hoort.
In het geval dat je maar één schijf gebruikt, had je daar al een map met de naam VIDEO gemaakt en wijs je in dit geval
natuurlijk alle drie de instellingen naar je VIDEO-map.
1.17. Scratch Disk and Device Control.
Bij de Device Control, stel je DV Device Control 2.0 in. Je krijgt dan het window ‘DV Device Control Options om je
camera/recorder in te stellen.
- Zorg dat bij Video Standaard de optie PAL staat;
- Bij Device Brand zet je de keuze op het merk camera/recorder die je hebt;
- Bij het Device Type stel je het type camera/recorder in dat je hebt. Als je type camera er niet bijstaat,
stel het dan op Standard in;
Deze instellingen zijn alleen maar voor de besturing van de camera volgens het IEEE1394 protocol.
Wanneer je camera aan staat, zou er achter Check Status: Online moeten staan!
Wanneer er Offline staat, dan heeft je camera geen verbinding met de computer en dien je dit eerst op te lossen,
zie afbeelding 1.18.
1.18. DV Device Control Options.
Als dit allemaal klopt, klik nogmaals op Next. Je komt dan bij de Titler preferences. Dit kun je allemaal laten staan. Klik op [OK].
Project Settings
Dit zijn de instellingen die bij het project horen en mee gesaved worden per project.
Kies op de hoofd menubalk: Project >> Project Settings >> General.
Stel nu in:
- Bij Editing mode: DV Playback;
- Bij Timebase: 25 frames;
- Bij Time Display: 25 fps Timecode;
- Onder de knop Playback Settings zet u alle vinkjes AAN wanneer u met een extra TV werkt,
wanneer u alleen maar op het PC scherm werkt, zet u de bovenste 3 vinkjes UIT, zie afbeelding 1.19.

1.19. Project General en Playback settings
Vloeiend beeld. Houd er wel rekening mee dat als je met een TV of aangesloten FireWire kabel in Premiere monteert,
en alle vinkjes AAN staan in de Playback Settings, je geen vloeiend beeld hebt in het monitorwindow op de PC.
Alleen als je geen FireWire hebt aangesloten,
of de camera uitzet en/of in de Playback Settings de 3 bovenste vinkjes UIT hebt staan, dan heb je uiteraard geen beeld op je TV, maar wel een vloeiend beeld in het monitor window.
- Klik op Next, je zit nu in het Video settings gedeelte;
- Compressor zet je op: Microsoft DV (PAL);
- Pixel Aspect Ratio: zet je op D1/DV PAL (1.067) tenminste als je normaal 4:3 video wilt gaan bewerken.
Als je in breedbeeld 16:9 hebt opgenomen, dan stel je hier D1/DV PAL Widescreen 16:9 (1.422) in;
- Bij Recompress zet je het vinkje uit, zie afbeelding 1.20.

1.20. Project Video settings.
- Klik op Next en je komt in de Audio Settings;
- Stel de Rate: op 48000 Hz in. Kijk in uw camerahandleiding of deze 48Khz ondersteunt.
- Interleave stelt u in op 1 Second;
- Bij Enhance Rate Conversion kies je Best;
Premiere 6.5 heeft nog steeds de bug, dat wanneer je met audiovolume bezig bent, je op een gegeven moment geen verschil
hoort tussen de levels die je instelt. Om dit te verhelpen, kun je Premiere saven en opnieuw je project opstarten, maar handiger
en beter kun je daarom het beste bij ‘Create audio preview files if there are:’ op 1 zetten, zodat na iedere verandering de audio
rendert, zie afbeelding 1.21.

1.21. Project Audio settings
Klik weer op Next, en je bent in de Keyframe and Rendering settings.
Alles kan UIT gevinkt blijven, behalve Optimize Stills en eventueel Real Time Preview, als je dit wilt gebruiken.
Bij Fields dient u Lower Fields First in te stellen. Immers één videoframe (beeldje) heeft twee velden,
een oneven (1) en een even (2) field, die bij Premiere Upper en Lower genoemd worden. We kiezen hier voor Lower Field First,
omdat bij Digitaal video PAL en bij NTSC het Lower, even (2) field dominant is, zie afbeelding 1.22 en deze als eerste worden geschreven in het tv-beeld. (Wanneer je het field verkeerd hebt staan, dan uit dat zich in een schokkerig beeld.)

1.22. Project Keyframe and Rendering settings.
Klik op Next, en je komt in het laatste settings window genaamd Capture;
Het Capture Format moet op DV/IEEE 1394 Capture staan. Capture Video en Capture Audio dienen allebei AAN gevinkt te staan.
- Report Dropped Frames staat AAN gevinkt;
- Abort on Dropped Frames vink je ook AAN;
Dat is handig, want als je een beeldje mist, stopt Premiere, zodat je opnieuw een poging kan wagen.
Immers aan gecaptured materiaal met verloren beelden hebben we niets.
Capturen
‘Capturen’ betekent: het filmmateriaal op de HD van de PC opnemen.
Wanneer de capturing steeds stopt, niet omdat er een dropped frame is, maar vanwege een tijdcodedrop,
dan werk je waarschijnlijk niet met een zogenaamde ‘gezwarte’ tape. Het is dan raadzaam om in dit geval tijdelijk
de Abort on Dropped Frames UIT te vinken.
De noodzaak van het zwarten van een tape, zal ik in het volgende deel nog even uitleggen.
Nu dan toch echt de laatste instelling, klik op DV Settings.
Wanneer je gewoon op de PC werkt dan kun je hier alle vinkjes AAN laten staan.
Wanneer je echter met een TV en dus waarschijnlijk met een mengpaneeltje werkt, dan vink je van allebei de onderste UIT,
zie afbeelding 1.23.
Wanneer je bijvoorbeeld met capturen een echoachtig geluid hoort, zet dan ook deze onderste vinkjes UIT.
Dit komt, omdat je het geluid via de computer hoort en tegelijk ook via de FireWire uit de camera.
Er zit namelijk een 200 à 300 milliseconde vertraging tussen deze beide signalen.

1.23. Project Capture settings.
Aan de rechterkant vind je ‘Load’ en ‘Save’ voor alle Project settings. Als je nu eindelijk alles hebt ingesteld,
klik dan hier op Save, dan kun je alle in deze gemaakte Project Settings gegevens direct weer oproepen met Load.
Geef de settings een naam, bijvoorbeeld ‘Mijn project settings 48Khz’.
- Klik ook het vinkje AAN bij Include Device Control Settings en klik OK. Klik nogmaals OK op het Project Settings Window.
Het kan zijn dat je een waarschuwing krijgt (dat er iets veranderd is in de Timeline Window). Klik hier gewoon OK.
De Project settings en de Workspace kunnen dus apart gesaved worden, maar ze worden ook altijd bij een project mee gesaved. Apart saven heeft als voordeel dat je verschillende projectinstellingen naast elkaar kunt bewaren en ophalen indien van toepassing. Bijvoorbeeld 4:3 of 16:9 project settings. Of een aparte projectsettings voor het maken van MPEG’s,
want dan zijn de instellingen anders. Maar dit doen we pas in het deel dat export behandelt.
Ga nu nog even naar de hoofdmenubalk en save je definitieve ‘_def Premiere 6.5 project’.
Let op, want je kunt hierbij geen Save As gebruiken zonder de naam te veranderen. Save je project dus met ‘Save’.
Is het woord ‘Save’ niet aanklikbaar, dan is je project al gesaved via autosave en kun je Premiere afsluiten.
Let op: samengevat kun je met Premiere 6.5 drie zaken onafhankelijk van elkaar saven:
1. Je workspace met de instellingen van de windows.
2. De project settings.
3. Het project zelf, inclusief clips, Timeline e.d.
Maak een ‘_default Premiere 6.5’ bestand met de basisinstellingen.
Besluit
In dit eerste deel van de cursus hebben we de belangrijkste schermen van Premiere besproken en aangegeven hoe je een en ander moet instellen. Belangrijk is dat je nu eerst leert werken met de verschillende schermen. We hebben niet overal uitgebreid verteld waarom je een bepaalde instelling moet kiezen; dat komt later voor een aantal zaken wat uitgebreider aan de orde.
Belangrijk is dat je PC stabiel is. Zet er geen spelletjes op. Reserveer als het even kan de PC voor het monteren. Op zich is het installeren van een geluidskaart of een Fire Wire kaart niet zo moeilijk, maar als je twee linker handen hebt, laat de leverancier de kaarten in de PC monteren.

Dit is een vijf delige basiscursus over Premiere 6.5
Deze cursus heb ik in 2003 speciaal voor VideoHobbyMagazine (VHM) geschreven.
Je ziet hier een voorbeeld van de eerste twee delen om een indruk te krijgen.
Deze cursus is te bestellen voor € 10,00 in Nederland en € 12,50 in België.
Mail je adres gegevens naar premiere@kristalvideo.nl om te bestellen.
Alle prijzen zijn incl. BTW
Basiscursus Premiere 6.5
Tekst & beeldmateriaal John de Vries
Deel 2: Capturen , Organiseren, Projectvoorbereiding, Trimmen.
Neem rustig de tijd voor het doorlezen van de tekst en het bekijken van de schermpjes.
Oefen met de muis en met het schuiven van de windows e.d. Ga stap voor stap te werk.
We gaan uit van de standaardinstellingen en we behandelen niet alles.
Wil je meer gedetailleerde informatie over de onderwerpen, raadpleeg dan de handleiding.
We hebben de aangekondigde indeling van de cursus iets gewijzigd. De volgende onderwerpen komen aan bod:
Deel 1: Minimale computereisen, installeren en alle instellingen.
Deel 2: Capturen, Organiseren, Project aanmaken, Trimmen.
Deel 3: Monteren, Stills, Titels.
Deel 4: Geluid, Effecten, Breedbeeldsimulatie, Tips en Trucs voor gevorderden.
Deel 5: De film terugzetten naar tape, DV, AVI en MPEG.
We behouden ons het recht voor af te wijken van deze opzet.
Terminologie
FILM. Het (basis) materiaal op één of meer tapes van bijvoorbeeld je vakantiefilm.
FRAGMENT. Deze film bestaat weer uit verschillende delen. Denk aan Vertrek, Vliegtuig, Aankomst etc.
Een dergelijk deel noemen we een fragment.
SHOT. Een fragment kan weer bestaan uit diverse gedeelten, bijvoorbeeld tien verschillende stukjes op Schiphol.
Dat stukje noemen we een shot en het ontstaat als je filmt en op startknop c.q. stopknop drukt.
CLIP. Dit is een specifieke term van Premiere. Wanneer je een shot in Premiere hebt getrimd of op de tijdlijn hebt gezet,
spreken we over een clip.
CAPTUREN. Het videomateriaal van de camera op de PC zetten.
RENDEREN. De PC ‘berekent’ (opnieuw) de indeling van je film, waaraan je wat hebt veranderd en/of waarop je
een transition hebt gezet. Renderen is altijd nodig om de gemonteerde film te maken of terugschrijven.
Leer monteren op uw PC met Premiere 6.5. Deel 2
In dit tweede deel staan we stil bij het capturen van het videomateriaal, bij de structuur van de film, bij het organiseren van het gecapturede materiaal (de fragmenten) en de voorbereiding van het project.
Neem rustig de tijd voor het doorlezen van de tekst en het bekijken van de schermpjes. Ook gebruikers van Premiere 6.01
kunnen dit deel van deze cursus gebruiken.
Zwarten van tapes
Zoals beloofd in deel 1 nu eerst een uiteenzetting over het zwarten van tapes. We gaan ervan uit dat je camcorder wel
de mogelijkheid van DV IN heeft. Zo niet, dan kun je voor verdere informatie contact opnemen met John de Vries,
Doel van het zwarten van tapes is, dat je een constante tijdcode op je tape zet. Daarna kun je op die tape opnamen gaan maken,
of je gemonteerde film erop zetten. Het voordeel van een gezwarte tape is, dat je niet overal zogenaamde ‘nulpunten’ op die tape
in de tijdcode krijgt. Met een gezwarte tape kun je goed op de teller zien waar je bent op de tape. Maar vooral voor de computer
is het belangrijk dat je geen dropped tijdcode op je tape hebt staan en geen verschillende nulpunten.
Met een gezwarte tape weet de PC precies waar hij is en werkt de optie Batch Capturing prima.
Let op. Veel camera’s bieden de mogelijkheid van een zogenaamde edit/search. Hiermee zoek je de plaats van de tape,
waar je gestopt bent met de opnamen. Maar als de tape gezwart is, heeft deze zoekactie geen zin meer,
want de tape staat helemaal vol met een zwart beeld en heeft de tape geen blank stuk meer. De oplossing is dan:
gewoon altijd in het schermpje kijken om te zien waar je bent, maar dat doen de meeste videofilmers nu toch al.
Je kunt op twee manieren je tape ‘zwarten’.
Situatie -1-
Je camcorder is niet standaard voorzien van DV IN. Of: je hebt wel zelf DV IN aangebracht (laten aanbrengen), maar de afstandbediening is niet gemodificeerd. Of: je bent op vakantie en er is geen PC in de buurt.
In deze situaties kun je geen gebruik maken van de PLAYER MODE (zie tweede mogelijkheid om te zwarten) en de PC.
Je moet zwarten met de lensdop en/of met gesloten diafragma.
Ga als volgt te werk:
-Zet de camcorder aan in CAMERA mode, stop er een nieuwe of een gebruikte tape in die je opnieuw wilt gaan gebruiken en
spoel deze geheel terug.
-Sluit een loze mini jackplug (bijvoorbeeld een walkman koptelefoonplugje) aan op je microfoon input van de camcorder.
Hiermee voorkom je dat je geluid opneemt via de ingebouwde microfoon.
-Zet handmatig het diafragma (lens) dicht. Bij een Sonycamera bijvoorbeeld, druk je op ‘exposure’. Draai daarna met het
wieltje het diafragma dicht (naar de ‘min’ draaien).Sommige modellen moet je eerst op manuel zetten.
Deze handeling zorgt ervoor dat je een mooi zwart beeld krijgt.
Of gebruik de lensdop, dit heeft echter niet de voorkeur om dat je dan geen mooi zwart beeld krijgt, maar +18dB ruis.
-Zet nu de camcorder op ‘recording’ door het opnameknopje in te drukken. Laat de tape helemaal zonder te onderbreken
doorlopen tot het einde.
-Herhaal deze handelingen voor andere tapes indien van toepassing.
-Als je hiermee klaar bent, druk dan ‘exposure’ nogmaals in, zodat de camera weer in de automatische stand komt te staan.
-Zorg er altijd voor dat je op Normaal Play opneemt en bespaar geen tape met Long Play.
-Zorg ervoor dat de camera in het menu altijd op AUDIO 16bit/48KHz staat. Sony bijvoorbeeld levert de camera’s standaard
af op 12bit/32KHz geluid! Dit doen zij, omdat je dan twee audio stereosporen hebt, in plaats van één. Twee is handig voor
het maken van een overdub. Maar die functie gebruik je niet, omdat je toch op de PC monteert.
Tip. Met Long Play is er dan wel geen verschil in de beeldkwaliteit, maar het geluid is dan altijd 12bit/32KHz.
Een ander -nog veel belangrijker- punt is, dat je met Long Play meer kans hebt op drop outs op de tape.
Dus altijd opnemen met Normal Play.
Situatie -2-
De tweede mogelijkheid om te zwarten, is met de PC. Je camera heeft standaard DV IN. Of je hebt DV IN aangebracht en
je hebt een aangepaste afstandbediening. In deze situatie kun je vanuit Premiere zwarten. Deze manier heeft wel de voorkeur.
Ga als volgt te werk:
-Zet de camcorder aan op PLAYER (VCR) mode, stop er een nieuwe of een gebruikte tape in die je opnieuw wilt gebruiken
en spoel deze geheel terug.
-Zorg dat de camera met de computer is verbonden door middel van een FireWire kabel.
-Zet de PC aan. Start Premiere op, beweeg de tijdlijncursor heen en weer, zodat de FireWire functie geactiveerd wordt.
Dit zie je op je cameradisplay (of aangesloten TV), doordat het beeld zwart wordt.
-Zet nu de camera in recording via de afstandbediening door middel van de Rec-knop en Mark-knop gelijktijdig in te drukken.
Bij een gemodificeerde afstandbediening druk je gelijktijdig de twee bijgemaakte knopjes in. (Dit alles heeft betrekking op
Sony-camera’s, bij andere merken kunnen de handelingen iets afwijken.) Of koop een universele afstandbediening waarop
jouw model werkt.
Capturen
Capturen is de film van de camera (tape) naar de PC transporteren. Om te capturen, maken we eerst een nieuw project
‘Capture’ aan. Als we later klaar zijn met capturen, trimmen e.d. staan alle fragmenten en clips op de PC en kunnen we
dit project ‘Capture’ weer weggooien. De clips blijven dan wel op de harde schijf staan en die kunnen we vervolgens
inlezen in het ‘echte’ project dat we dan gaan aanpakken en waarin we gaan monteren.
Kortom, het capturen is een tussenfase, waarmee we het videofilmmateriaal op de PC zetten en daarbij maken we al
een selectie van ons materiaal.
Maar we gaan nu eerst een project openen voor het capturen.
In deel 1 heb je kunnen lezen hoe je een _def Premiere 6.5 opstartfile maakt. Die ga je eerst openen, want dan lees je
namelijk alle goede instellingen in. Het is onze basisfile.
-Zet de aangesloten camera (en eventuele TV) aan. Let op: de camera dient in PLAYER (VCR) mode te staan.
-Zorg natuurlijk dat de goede tape in de camera zit met het basismateriaal.
Tip: Beveilig altijd je tape door middel van het schuifnokje bij opgenomen materiaal.
Start Premiere en open de _def Premiere 6.5 file. Als het goed is -je hebt deel 1 nauwkeurig gelezen en opgevolgd- krijg je
Premiere keurig netjes met de benodigde instellingen en schermindelingen voor je neus.
-Ga nu naar FILE > SAVE AS en geef een bestandsnaam op, bijvoorbeeld: _Capture. Het is heel belangrijk dat je dit binnen
vijf minuten doet, omdat Premiere anders over je _def Premiere 6.5 heen gaat saven. Deze willen we natuurlijk gewoon zo
houden als hij was.
Tip: Maak altijd een reservekopie van de _def Premiere 6.5 file en zet deze kopie ergens anders op de schijf.
Premiere zelf heeft geen scèneherkenning. Normaal heb je dat ook niet nodig, je zoekt je clips makkelijker en sneller en
vooral nauwkeuriger uit, kijkend naar de linker source (bron) monitor. Tenzij je zo goed gefilmd hebt, dat je alleen maar
bruikbare shots hebt.
-Ga naar FILE > CAPTURE > MOVIE CAPTURE Je krijgt nu het capture window, zie afbeelding 2.01.
2.01 Movie Capture window
Zorg dat je structureel te werk gaat. In geval van een vakantiefilm capture je de film in aparte delen bijvoorbeeld: Vertrek,
Vliegtuig, Aankomst, etc.
In mijn geval had ik even geen vakantie film bij de hand en als voorbeeld zal ik dus een stukje uit de “Buren”-documentaire
gebruiken, waarmee we bezig zijn. Ik capture het stuk van de molen in de volgende onderdelen: Buitenkant, Binnenkant,
Buiten-op-het-dek, Binnenkant-nok. En van de kerk capture ik: Buitenkant, Binnenkant, Toren.
Wanneer je de instellingen in Premiere van deel-1 goed hebt staan, dan komen de stukken film kaal op je D-Drive,
of in de speciale aangemaakte videomap (behandeld in deel 1). Vanaf nu zal ik de videomap en/of de D-drive in
deze cursus de ‘videoschijf’ noemen.
Bedieningselementen van het Capture Window
Het bedieningspaneel van het capture window zie je op afbeelding 2.02. Hiermee kun je de camcorder/recorder bedienen.
Een korte uitleg hierover. Het zwarte driehoekje is de Play toets, links daarnaast het vierkantje is de Stop toets,
met daar onder de Pauze toets, rechts daarnaast het rode balletje is de Recording toets.
Het groen omcirkelde deel zijn de Slowmotion toetsen, het rood omcirkelde deel zijn boven de Beeld voor Beeld toetsen,
en onder de Snelspoel toetsen. Oefen even met deze bedieningtoetsen, zodat je ze leert kennen.
2.02 Camcorder bediening.
Het blauw omcirkelde deel is de zogenaamde Jog-lijn, waarmee je ook Beeld voor Beeld voor en achteruit kunt.
Met daaronder de zogenaamde Shuttle-knop, waarmee je wat sneller heen en weer kunt spoelen.
Helemaal rechts is de SMPTE tijdcode, UREN:MINUTEN:SECONDEN:BEELDEN (video heeft 25 beeldjes per seconde).
Onder het groene cirkeltje vind je de SET-IN en de SET-UIT knoppen. Deze worden het meest gebruikt met de
Batch-Capturing optie, die ik in deze cursus kort zal toelichten.
Links onderin (zie afbeelding 2.03) zijn twee knopjes om bijvoorbeeld alleen het beeld of alleen het geluid op te nemen.
Wanneer je bijvoorbeeld op het audio-wave knopje klikt, dan komt daar een rode streep doorheen en je kunt nu dus
alleen maar het beeld capturen.
2.03 Video/Audio Mute schakelaar.
Zoek nu het gedeelte op de tape op, door middel van de desbetreffende toetsen, dat je wilt gaan capturen.
Start nu de tape door middel van het zwarte driehoekje en druk daarna het rode balletje in.
Je bent nu aan het capturen en dat zie je door in de linker bovenhoek te kijken van het capture window.
Je ziet daar de beelden (frames) tellen en of je dropped-frames (verloren-beelden) hebt.
Het mag duidelijk zijn dat je geen dropped frames mag hebben. En je moet uiteraard het videobeeld zien van wat je opneemt.
Wanneer je dropped frames hebt, dan staat waarschijnlijk je videoschijf niet op DMA, of is de schijf niet snel genoeg.
In het ergste geval heb je een conflict in de computer.
Wanneer je klaar bent met capturen, kun je stoppen door middel van het zwarte vierkantje.
Klik daarop, of druk op Escape op je toetsenbord. Je krijgt dan het FileName window, zie afbeelding 2.04.
Hier dien je een naam achter FileName in te geven (bijvoorbeeld “VERTREK” bij een vakantiefilm)
en je kunt er eventueel ook nog andere informatie bijzetten, achter Log-Comment.
2.04 invullen van de naam en eventuele info.
Op deze manier capture je al je materiaal, mits je genoeg harde schijf ruimte hebt natuurlijk. (13GB per uur).
Dus nogmaals: capture in stukken bijvoorbeeld: Vertrek, Vliegtuig, Aankomst, etc.
Deze fragmenten komen dus kaal op je videoschijf.
Scèneherkenning
Wanneer je toch deze fragmenten wilt kunnen splitsen, dan kun je dat met een hulpje doen, met de ‘scenalizer’.
Het is een heel klein programma dat je gratis kunt downloaden: http://scenalyzer.com/download.html
Je kunt hiermee bijvoorbeeld het fragment “Vertrek” importeren en dan weer als aparte delen exporteren.
Deze onderdelen kun je beste naar een map, bijvoorbeeld met de naam, 01-VERTREK exporteren.
De nummering 01, 02 etc zorgt ervoor dat de fragmenten in de juiste volgorde blijven staan.
Later importeer je deze nieuwe fragmenten in je project in Premiere.
Batch Capture
Als je veel materaal hebt en je wilt maar een paar shots gebruiken, is het handig om een capturelijst te maken.
Het wordt ook wel batchlist genoemd. Het is –kort gezegd- een lijst met begin en eindpunten van de fragmenten
die je wilt gaan capturen.
Dat is handig als je veel materiaal hebt, maar ook als je later het project opnieuw moet capturen.
Bijvoorbeeld als de HD stuk gaat. Daarom is het handig om een kopie van de batchlist op een floppy te zetten.
Een batchlist is ook handig als je met verschillende personen werkt of met veel tapes.
Met een batchlist leg je de in- en eindpunten op de PC vast. Dat is handig en heeft voordelen ten opzichte van papieren lijstjes.
Start Premiere op en ga naar FILE > CAPTURE > BATCH CAPTURE. Je krijgt dan het Batch Capture window voor je.
Maak het window wat groter en klik rechts onder op het New-Item icon, zie afbeelding 2.05.
2.05 New Item icon.
Je krijgt dan een invoerscherm genaamd: Clip Capture Parameters. Zorg er wel voor, als je verschillende tapes gebruikt,
dat je deze nummert. Zorg dat je een sticker op het bandje zelf en de doos hebt staan, b.v. Buren-001, Buren-002, etc.
Stop de tape in je camcorder/recorder en zoek de stukken op die je wilt hebben en vul de desbetreffende gegevens in.
Zie voorbeeld 2.06.

2.06 Clip Capture Parameters window.
Voorbeeld van invullen.
-Vul nu het Tape nummer in achter: REEL-NAME: b.v. Buren-005.
-Achter FILE-NAME: type je de naam die je het shot wilt geven, b.v. Molenaar-zet-zeil-vast.
-Bij LOG-COMMENT: kun je extra informatie zetten, in mijn geval staat daar: db-1 wat staat voor DataBase-1,
wij hadden namelijk zoveel shots van Buren dat we die in een database moesten zetten.
-Bij IN-TIME: vul je natuurlijk het beginpunt van het shot in wat je wilt hebben. Neem dit nooit te krap,
je kunt beter iets over houden dan te kort komen. Om de tijdcode in te vullen hoef je niet alles te typen.
Bijvoorbeeld bij het in-punt staat 00:04:33:00 wat staat voor 4 minuten en 33 seconden, dit type je als volgt in: 43300.
Je ziet het juiste getal achter “IS” in het grijze vlak daarachter. Druk op de TAB toets, zodat je het eindpunt kunt intoetsen.
-Bij de OUT-TIME vul je natuurlijk de eindtijd van het shot in.
-Achter FRAME-RATE: dient natuurlijk 25 fps (frames per seconds) te staan.
-Hierna klik je op OK. Zo vul je al de video fragmenten in die je wilt hebben.
Wanneer je klaar bent met de batchlist vergeet hem dan niet te saven.
Wat misschien verwarrend is, is de manier, waarop gesaved moet worden. Normaal save je een project met ‘save’ of ‘save as’.
Als er echter een batchlist open staat op je monitor, dan gebruik je diezelfde ‘save’ of ‘save as’ functie.
Dit gebeurt ook bijvoorbeeld bij de titelfunctie. Ook het openen van een batchlist doe je met FILE > OPEN,
precies op de zelfde manier dus zoals je een project opent.
Alternatief voor batch list
Je kunt ook in het gewone capture window een batchlist aanmaken.
Ga naar FILE > CAPTURE > MOVIE CAPTURE. Klik hier dan op de LOGGING tab.
Wanneer je nu de film afspeelt, kun je, on the fly (terwijl de film afspeelt) op de I-toets
(Mark-IN) en dan op de O-toets (Mark-OUT) drukken om het in- en uitpunt te bepalen.
Die worden gelijk in het scherm op geslagen. Zie afbeelding 2.07.
2.07 Capture-Logging window
Ook kun je de film in pauze zetten door middel van de spatietoets of het pauzesymbool in het capture window,
je kunt dan -om precies het in- en uitpunt te bepalen- met de pijltjes toetsen, beeld voor beeld heen en weer gaan,
totdat je het juiste punt hebt gevonden.
Vind je een beginpunt, toets dan op de I-toets (Mark in), of klik met de muis op SET IN.
Vind je een eindpunt, toets dan op de O-toets (Mark out) of klik met de muis op SET OUT.
Wanneer je een bepaald fragment hebt gedefinieerd door middel van een begin- en een eindpunt,
kun je deze gegevens laten opnemen in de batchlist. Klik om dat te doen op LOG IN/OUT.
Premiere vraagt dan om de filename en log comment; vervolgens slaat Premiere de gegevens op in de batchlist.
Het bepalen van in- en eindpunten kun je ook ‘on the fly’ doen (terwijl de camera loopt). Als je dan op LOG IN/OUT klikt,
stopt de camera even.
Ook kun je het fragment dat door een in- en eindpunt is bepaald, onmiddellijk laten capturen.
Klik dan met de muis op CAPTURE IN/OUT.
Om de Batch-Capture lijst te kunnen capturen, klik je eerst even rechts onder op het gestreepte driehoekje om op tijd
volgorde te sorteren, daarna klik je op het rode balletje, je krijgt dan een window, waarin je gevraagd wordt,
de juiste tape in de camera te stoppen. Indien gereed, klik je op OK.
De camcorder zal nu terugspoelen en alle shots in de lijst gaan capturen. Bij de shots die gecaptured zijn in de lijst,
zie je in plaats van het zwarte ruitje een vinkje.
Project Trimmer
Een andere manier om diversen shots/clips te maken is, via de Project Trimmer.
In feite selecteer je gedeelten uit je gecapturede fragmenten.
Als je dat gedaan hebt, kun je het niet gebruikte materiaal weggooien.
Dit kan een heel aardige manier zijn wanneer je harddisk ruimte tekort komt of wilt besparen.
Let op. Werk wel ‘grof’, zorg dat je van ieder fragment dat je trimt, wat meer frames voor- en achteraan selecteert.
Dan heb je later bij het monteren nooit te krappe fragmenten. Soms heb je wat langere fragmenten nodig,
bijvoorbeeld bij een overgang.
Wanneer je videofragmenten hebt gecaptured, dan zoek je in het monitor window in de bronmonitor de diversen
clips uit die je wilt gebruiken. Zet deze op de tijdlijn achter elkaar.
Hoe je clips kunt uitzoeken in het monitor-window vind je verderop in het onderdeel “Trimmen van de clips”.
Wanneer je alle fragmenten op de tijdlijn hebt staan, ga je naar PROJECT > UTILITIES > PROJECT TRIMMER.
Nadat je gevraagd wordt het project te saven (dat moet wel eerst gedaan zijn), krijg je het volgende window,
zie afbeelding 2.08.
2.08 Project Trimmer.
Als je geen batchlist wilt, vink dan het vinkje uit voor: CREATE TRIMMED BATCH LIST.
Zet wel een vinkje voor: COPY TRIMMED FILES. En tik een 0 in bij: KEEP …. FRAME HANDLES.
Je zou deze optie eventueel kunnen gebruiken, wanneer de diverse clips precies getrimd zijn en je graag aan het begin
en einde toch wat extra ruimte wilt hebben. Je kunt dan bijvoorbeeld een getal van 50 (frames) ingeven,
zodat je aan iedere kant van de clip 2 seconden meer over hebt. Dus: of grof je fragmenten kiezen en dan kan
de optie KEEP FRAMES op 0, of precies je fragmenten kiezen en dan KEEP FRAMES op 50.
Klik op Create Project, geef een project naam op, en Premiere zal de clips die op de tijdlijn staan, gaan kopiëren.
Wanneer de computer daarmee klaar is, sluit je Premiere af. Nu ga je naar je videoschijf, waar je de shots ziet staan.
Verplaats deze shots naar de desbetreffende mappen die je in je project map gaat aanmaken
(zie daarvoor het hoofdstuk: Structuur op de Harde Schijf.)
Je kunt de gecapturede basisfile “Vertrek” van b.v.10 minuten, die kaal op je videoschijf staat, in principe weggooien.
Je hebt dan over het algemeen een behoorlijke ruimtewinst gecreëerd.
Bijvoorbeeld de file Vertrek van 10 minuten is 2,16GB groot. Je hebt maar een paar shotjes gebruikt,
en de clips die je hebt overgehouden, zijn bij elkaar nog maar 1GB groot. Na het weggooien van de file Vertrek,
heb je dus een winst van 1,16GB op je harddisk gecreëerd.
Video is 3,6MB/sec. = 216MB/min. = 12,96 GB/uur.
Video PAL heeft 25 Beelden/Sec.
Video analoog resolutie is 768 x 576 square-pixels (puntjes) bij 72dpi (punten per inch).
Video digitaal heeft 720 x 576 non-square pixels. Dit zijn namelijk geen vierkante puntjes maar rechthoekige puntjes
vandaar dat je op een gewone TV die wel 768 pixels breed is, toch een goed en geen vervormd beeld overhoudt.
Houd hier rekening mee, wanneer je in bijvoorbeeld Photoshop een foto scant of iets anders maakt.
Doe dat dan altijd op een nieuw beeld van 768x576.
Maak maar eens een cirkel op een beeld dat 768x576 is, en een cirkel op een beeld van 720x576.
Je zult zien: wanneer je deze beide files in Premiere importeert, is de file van 768x576 exact rond,
en de file 720x576 levert een ovaal op.
Structuur op de Harde Schijf
Sluit eerst Premiere af.
We hebben nu het materiaal gecaptured en eventueel getrimd. Alle bestanden staan op de videoschijf.
Het bestand _Capture kun je in principe weggooien. Het was een hulpproject om te kunnen capturen.
We moeten nu eerst alle bestanden op de juiste plaats van de videoschijf zetten.
De underscore (zoals het streepje _ onder heet) vooraan de naam van een project zal je zijn opgevallen.
Dat doe ik altijd bewust, wanneer je er éénmaal aan gewend bent, is het behoorlijk handig.
Je ziet in één keer wat een projectfile is tussen de andere files. Daarbij komt dat hij altijd bovenin de rij komt,
weliswaar onder de mappen natuurlijk.
Maak op je videoschijf een map met bijvoorbeeld VAKANTIE 2003 met daarin weer
mappen 01-VERTREK, 02-VLIEGTUIG, 03-AANKOMST etc.
Wanneer je nu aparte fragmenten gaat maken met de ‘scenalizer’,
kopieer die dan (voor zover als je dat nog niet gedaan hebt) naar de desbetreffende mappen.
Wanneer je het fragment niet verdeelt met de ‘scenalizer’, of trimt met de project trimmer,
zet dan het basisfragment in zijn geheel in de desbetreffende map (in bijvoorbeeld de map 01-VERTREK).
Zorg dat de project-file _Vakantie 2003 die je gaat maken, in de map VAKANTIE 2003 terecht komt.
Houd alles wat met de vakantie 2003 te maken heeft in deze map.
Maak ook gelijk mappen aan (tenminste voor zover je die zou gebruiken natuurlijk)
met MUZIEK, FOTO’s, TITELS, VOICE-OVER, etc. In de map VAKANTIE 2003
zou je dan iets in de geest van afbeelding-2.09 krijgen.
2.09 Hoe een map eruit zou kunnen zien.
Dit structurele werken, kost wel een hoop extra tijd, maar het blijft een stuk overzichtelijker en netjes.
Je kunt natuurlijk ook alle files en data in één map zetten of nog erger: kaal op je videoschijf,
maar dan wordt het al snel onoverzichtelijk.
Wanneer we alles gecaptured en gerangschikt hebben, zijn we gereed om het _Vakantie 2003 project aan te maken.
Ga naar FILE > SAVE AS (Ctrl + Shift en de S).
Voor deze cursus beschik ik niet over vakantiemateriaal, dus zal ik –zoals gezegd- materiaal gebruiken
uit de Buren-documentaire.
Project aanmaken, en de diversen functies van het project window.
Na een uitleg over het Batch capturen, en de structuur van de videoschijf, gaan we het project aanmaken.
Ik ga er nu wel even vanuit dat je alle -of de meeste film fragmenten- al gecaptured hebt en de fragmenten in de
desbetreffende mappen hebt verplaatst. Wanneer je de scenalizer of de Project trimmer hebt gebruikt,
ga ik ervan uit dat je de verschillende shots in de daarvoor bestemde mappen hebt geëxporteerd c.q. verplaatst.
Start Premiere op en kies het _def Premiere 6.5 project wat kaal op de videoschijf moet staan.
Ga dan gelijk naar: FILE > SAVE AS (of druk Ctrl+Shift en dan de S) en type een project-naam in.
In geval van vakantie: _Vakantie2003, of –het voorbeeld in deze cursus- _Buren. Save deze in de hoofdmap BUREN.
Ga nu naar: FILE > IMPORT > FOLDER (Ctrl+Shift en de I ), zoek de mappen en importeer ze.
Het kan zijn dat een map nog leeg is, je krijgt dan een melding, zie afbeelding 2.10. Klik gewoon OK.
2.10 Map Leeg waarschuwing.
Mappen importeren is bij Premiere wel saai, omdat je dat niet anders kan doen als stuk voor stuk.
Ze komen daarbij ook nog eens in het project venster terecht en niet gelijk in het Bin gedeelte.
(Dat vind ik een bug in Premiere.) Je moet ze dan, nadat je ze hebt geïmporteerd,
ook nog eens gaan verplaatsen naar het Bin gedeelte van het project. Zie afbeelding 2.11.
Maar we hebben veel over voor de goede structuur in ons project natuurlijk.

2.11 Het Project Window.
Nog even wat functies van het Project window.
Wanneer je in deel 1 goed hebt opgelet, dan staat het project window qua settings al goed.
Laten we eens kijken naar de mogelijkheden op dit scherm.
-Links boven zie je BIN dit is een ander woord voor Folder of Map hier onder komen dus alle mappen terecht.
-Rechts daarnaast zie je ITEMS, dit geeft aan hoeveel fragmenten/shots er in de geselecteerde map zitten.
-Daarnaast zie je NAAM staan, met daaronder de namen van de fragmenten en/of shots.
-Dan zie je VIDEO met daaronder het aantal keren hoeveel een video of still fragment gebruikt is in het tijdlijn window.
-Daarnaast zie je AUDIO die hetzelfde aangeeft als VIDEO, maar dan natuurlijk voor de audio fragmenten die in
de tijdlijn gebruikt worden.
-Je ziet dan ook nog de DURATION wat de tijdsduur van het fragment/shot aangeeft.
-Linksonder zie je een verrekijkertje (Find), dit is om een fragment/shot te zoeken in het project-window.
-Daarnaast zie je een envelopje (New Bin), dit kun je gebruiken om een nieuwe map in het project-window te maken.
-Dan zie je een omgekruld blaadje (Create Item). Dit kun je gebruiken om het: Titel, SmartSound, Off Line File,
Color Matte, Black Video, Bars en Tone, of de Universal Counting Leader te openen.
(Je kunt deze ook vinden onder FILE > NEW).
Titel: = het titel window (wordt later in de cursus uitgelegd).
Universal Counter Leader: = een standaard aftel filmpje wat je wel eens voor een film ziet.
Bars en Tone: = een colorbar (kleurenbalk) & 1000Hz toon, waarmee je de
apparatuur kunt afregelen. Je kunt dit dan voor je film monteren.
Black Video: = een zwarte still die je aan het begin en/of einde of waar dan ook
kunt gebruiken, dit heb je al gebruikt in deel-1 en staat ook in je
project als het goed is.
Color Matte: = het zelfde als Black Video met dit verschil, dat je nu een still kunt
maken van elke kleur die je wilt.
Off Line: = bijvoorbeeld wanneer je een project opent waarvan sommige clips
verplaats of weg zijn, kom ik ook nog wel op terug.
SmartSound: = een soort muziek-editor die muziek op maat maakt, welke ook nog
ruim aan bod zal komen.
-Daarnaast zie je een vuilnisbakje (Delete Selected Items). Dit gebruik je om fragmenten/shots weg te gooien uit het
project window. (Dit houdt niet in dat ze dan ook van je schijf verdwijnen). Ook kun je één of meerdere
fragmenten/shots selecteren en Delete of Back-space drukken.
-Daarnaast zie je een dubbel pijltje (Resize Bin Area), waarmee je het BIN vak groter of kleiner kunt schuiven.
-Als laatste zie je daarnaast drie vakjes die ieder een ander soort overzicht geven van de eventuele shots (Items) indeling
in het project-window. Als eerste zie je een vierkantje met een streepje er onder (Icon View).
Dan een soort hokjes (Thumbnail View). En als laatste een paar streepjes (List View) die we in de cursus gebruiken,
omdat je hiermee de meeste fragmenten/shots ziet, plus dat je kunt zien hoeveel keer een fragment/shot gebruikt is.
TIP: Klik ook eens met de rechter muisknop in het project window (eigelijk geldt dit voor heel Premiere).
Je zult dan de meeste opties ook gelijk kunnen openen. De rechter muisknop, of linker muisknop in combinatie met
één of meerdere Alt, Ctrl, Shift toetsen, of bepaalde toetsen (shortkeys) zijn met Premiere echt heel handig en wanneer je
ze leert kennen, manoeuvreer je al gauw razend snel door je hele project heen. Er is zelf een speciaal Adobe Premiere
toetsenbord te krijgen. Zie afbeelding-2.12 wel een inbreuk op je portemonnee, zo rond de € 150,00
2.12 Speciaal Premiere toetsenbord.
Trimmen van de clips
Nu we alle mappen en/of fragmenten/shots netjes in het project window hebben staan, kunnen we ons gaan bezighouden
met het precies trimmen van de fragmenten/shots en het verslepen naar de tijdlijn.
Dit kan op meerdere manieren maar ik zal er drie behandelen. De eerste manier die ik behandel,
is, als je geen scenalizer of de project trimmer hebt gebruikt en dus alleen maar fragmenten op de videoschijf hebt staan.
Zet het Timeline-window wel even voor het gemak op 4 of 10 seconden, dit doe je onderaan links van de Timeline,
zie het paarse omcirkelde deel op afbeelding 2.14.

2.13 Het Trimmen van de clips 1.
We gaan als volgt te werk. Zie ook afbeelding 2.13.
-Klik bijvoorbeeld op de map: 03-Molen-dek, links in het project-window. Je ziet dan rechts het fragment: Molen-dek.
-Ga met je cursor naar het fragment, je zult zien dat de cursor dan van een wit pijltje in een handje verandert.
-Druk de muistoets in en sleep het fragment naar de linker source (bron) monitor in het monitor-window en laat de muis dan los.
Je kunt ook dubbelklikken op het fragment, wat je zelf het gemakkelijkste vindt.
Let op dat je op het icoontje klikt en niet op de naam van een fragment.
-Je kunt dan met de bedieningstoetsen (binnen de blauwe cirkel op de afbeelding) de film starten/spoelen etc.
Beter kun je jezelf aanleren met de spatiebalk en de pijltjes toetsen te werken. Start/Stop functie is de spatiebalk.
Met de pijltjestoetsen kun je de beeldjes voor of achteruit laten gaan.
-De groen omcirkelde twee accolades { } zijn de MARK-IN en MARK-UIT punten.
Deze kun je het best bedienen door de I-toets (MARK-IN) en de O-toets (MARK-UIT) te gebruiken.
Begin nu aan het begin van het fragment (in de linker bron-monitor), druk op Stop(spatiebalk) wanneer je een inpunt ziet.
Zoek desnoods met de pijltjestoetsen het punt als je het heel precies wilt bepalen.
Overigens je kunt dit eventueel ook on the fly doen. Oefen hiermee. Zoek daarna het eindpunt op van het shot/clip.
Je ziet dan het in- en uitpunt en het gedeelte van de clip (de groene streep tussen de accolades) in het geel omcirkelde deel.
Het groene driehoekje met het rode verticale streepje eronder, is de tijdlijn-cursor van het bronmonitor gedeelte.
Hiermee kun je ook door je film heen scrubben. Wanneer je nu een clip uit het fragment hebt gekozen,
pak je het beeld met de muis op (witte pijl wordt dan een vuistje met een soort kadertje er omheen) en sleep je de
clip op de 1A of de 1B tijdlijn.
In ons geval staat er al een stuk van 5 seconden met zwart beeld op de 1A lijn, je plaatst dus in dit geval je eerste
clip op de 1B lijn. Zoek nu uit het fragment de volgende clip en plaats die dan weer op de 1A lijn.
De volgende weer op de 1B lijn enz. Waarom dit zo is wordt in deel 3 uitgelegd. Je kunt nu bijvoorbeeld eerst het stuk
van de diversen clips Molen-dek in de juiste volgorde zetten of afmonteren (wat in het volgende deel wordt besproken)
of je gaat eerst door met eventueel andere fragmenten.
De tweede manier is, wanneer je een fragment al met de Project trimmer of scenalizer in shots verdeeld hebt, dan kun je de shots/clips gelijk vanuit het project window naar de Timeline slepen, zie afbeelding 2.14. Uiteraard kun je ook de shots eerst even -wanneer dat nodig is- in de bronmonitor precies trimmen en dan naar de tijdlijn slepen.

2.14 Het Trimmen van de clips-2.
Wanneer je de sub-map opent van het project window en daar Automate to Timeline klikt
(zie het groen omcirkelde gedeelte in afbeelding 2.14) en het zo invult als op de afbeelding 2.15,
dan kun je ook in één keer de clips van een bepaalde map op de tijdlijn zetten.
Je kunt ook de map in zijn geheel oppakken en dan naar de tijdlijn sleepen, je zet dan in één handeling alle
clips die in die map staan op de tijdlijn, met dat verschil dat ze nu allemaal achter elkaar staan.
2.15 Automate to Timeline window.
De derde mogelijkheid die heel handig is, wanneer je bijvoorbeeld de volgorde wilt veranderen van de diverse clips.
Open daarvoor eerst het Storyboard door FILE > NEW > STORYBOARD (Crtl-Alt-Shift en dan de N).
Sleep nu de map die je wilt gebruiken, of de clips die je in de bronmonitor eventueel getrimd hebt naar het Storyboard.
Je krijgt dan zoiets als afbeelding 2.16 te zien.
Je kunt nu heel gemakkelijk de diverse clips in de juiste volgorde zetten. Pak een clip beet en versleep die naar het punt
waar je hem wilt hebben. Wanneer je klaar bent, klik links beneden op het TV-icoontje (zie het rode omcirkelde deel in
afbeelding 2.16). Je ziet dan de nieuwe volgorde (mits je de FireWire aangesloten hebt en de camcorder aan staat)
op je Camcorder-Display of TV. Druk op ESC om te onderbreken.
Let op. Het storyboard werkt niet als je alleen met een computermonitor werkt. Het voordeel van een storyboard is dat je
snel de volgorde kunt wijzigen en snel het resultaat kunt bekijken. Het nadeel is dat werken met het storyboard een extra stap is. Naarmate je meer ervaren bent, zul je meer rechtstreeks op de tijdlijn werken. Ga voor jezelf na of je het prettig vindt met
het storyboard te werken.
2.16 Het Storyboard.
Je kunt het storyboard eventueel ook saven, je kunt er ook meer maken om te experimenteren met diverse volgordes.
Je vindt de opgeslagen storyboard gegevens terug op je videoschijf. Zorg dat je deze in ieder geval in de juiste map zet,
in mijn geval dus BUREN > 03-MOLEN-DEK. Je ziet ze ook nog terug in het project window,
zie de rood omcirkelde delen in afbeelding 2.17.
Wanneer je éénmaal een besluit hebt genomen en de volgorde goed staat, klik dan op het Timeline-icoontje.
Dat staat linksonder op het storyboard, links naast het rode omcirkelde deel in afbeelding 2.16.
Je krijgt dan het zelfde window te zien als afbeelding 2.15. Vul het net zo in en klik OK.
Als je alles goed hebt gedaan zou het er ongeveer uit moeten zien als in afbeelding 2.17.

2.17 Totaal overzicht van de getrimde clips.
De oplettende lezer heeft op de afbeeldingen ontdekt dat ik twee aparte mappen heb gemaakt met KERK en MOLEN, met daarin de onderverdeelde mappen. Dit kun je doen, wanneer je teveel mappen krijgt van een bepaald onderdeel. Ikzelf maak dan altijd een soort hoofdmap. Dit doe je dan in het project window en niet op de videoschijf.
Besluit
Deel 2 ging over capturen, organisatie en trimmen en hoe te werken met een storyboard. Ook dit deel bevat veel informatie. Lees daarom de tekst rustig door en oefen gewoon met een aantal videofilmfragmenten. Oefening baart kunst. In deel drie gaan we monteren. Succes!